Wat doe je als een cybercrisis het onderwijs verstoort en studenten niet weten waar ze terechtkunnen? Die vraag stond centraal in het onderzoek van derdejaars bedrijfskundestudent George Abboud van Avans Hogeschool. George ontwikkelde een crisiscommunicatieaanpak binnen het lectoraat Cyberweerbare Organisaties van het Centre of Expertise Veiligheid en Veerkracht. De crisiscommunicatie-aanpak brengt in kaart hoe je studenten tijdens een cyberincident snel en duidelijk kunt informeren.
Hoe ben je bij het Centre of Expertise terechtgekomen?
“Ik studeer bedrijfskunde in Breda. Mijn opleiding is breed, waardoor ik veel kanten op kan. Tijdens mijn zoektocht naar een stageplek kwam ik via mijn coördinator bij het Centre of Expertise terecht. Ik ging in gesprek met lector Rick van der Kleij en met onderzoeker Renske Korenromp (mijn stagebegeleidster). Toen ik hoorde over de onderzoeken binnen het lectoraat spraken die me meteen aan. Het is eigenlijk een interne stage, ik loop hier rond tussen studenten, docenten en onderzoekers. Ik voel me echt thuis binnen Avans. Dat gaf mij motivatie om niet alleen stage te lopen voor een hoog cijfer, maar juist om iets terug te doen voor de organisatie. Ik ben hier zo goed ontvangen, ik wil graag iets teruggeven.”
Wat heb je onderzocht en hoe heb je dat aangepakt?
“Mijn onderzoek gaat niet over cybercrime, maar over crisismanagement: wat doe je als er iets misgaat? Om antwoorden te krijgen op mijn vraag werkte ik met Design Thinking. Ik begon met een oriëntatiefase, daarna heb ik de onderzoeksvraag aangescherpt: hoe kan Avans studenten tijdens een cybercrisis snel, consistent en betrouwbaar informeren? Ik heb ongeveer 200 studenten bevraagd via een enquête en daarnaast 15 interviews gehouden met studenten en experts, zoals ICT, communicatie, persvoorlichters en veiligheidsadviseurs. Ook heb ik gedragsmodellen gebruikt zoals het COM-B model en het Health Belief Model om te begrijpen waarom studenten wel of niet in actie komen. In het begin wist ik nog niet precies wat het eindproduct zou worden, dat ontstond gaandeweg.”
Welke inzichten kwamen uit je onderzoek naar voren?
“Wat me vooral opviel is dat studenten best bereid zijn om te handelen, maar alleen als het eenvoudig en duidelijk is. Zodra het te ingewikkeld wordt, haken ze af. De grootste drempel om een melding te maken is onduidelijkheid over het meldproces. Ook twijfelen studenten of het incident wel ernstig genoeg is. Studenten maken zich vooral zorgen over hun eigen gegevens en willen de schade beperken.”
Hoe ben je van onderzoek naar oplossing gekomen?
“In het begin dacht ik dat één oplossing voldoende zou zijn, maar tijdens mijn onderzoek werd duidelijk dat dat niet werkt. Je hebt meerdere lagen nodig: informatie, handelingsperspectief en ondersteuning. Daarom heb ik gekozen voor een combinatie van oplossingen die samen één geheel vormen.”
Tot welke oplossingen ben je uiteindelijk gekomen?
“Mijn eindproduct bestaat uit vier onderdelen; een crisisplan, crisiswebsite, cybertraining en een stappenplan. De crisiswebsite is het centrale meldpunt tijdens een cybercrisis. Studenten krijgen daar live updates, duidelijke stappen en informatie over wat ze moeten doen en wat de impact is op hun studie. Daarnaast is er een cybertraining om het cyberbewustzijn van studenten te verhogen. Ook is er een stappenkaart met een concreet handelingsperspectief en een crisisplan voor Avans zelf. Samen zorgen deze onderdelen ervoor dat studenten beter worden ondersteund vóór, tijdens en na een incident.”
Wat is de waarde van jouw onderzoek voor Avans?
“Het crisiscommunicatieplan is door verschillende afdelingen binnen Avans, waaronder ICT en communicatie, zorgvuldig bekeken en positief beoordeeld. Ze gaan het ook echt gebruiken. Daarmee voorziet het onderzoek in een duidelijke behoefte: er bestond al beleid voor medewerkers, maar nog niet voor studenten. Dit onderzoek maakt die vertaalslag concreet.”
Wat heb je geleerd van deze onderzoeksperiode?
“Ik heb geleerd hoe praktijkgericht onderzoek echt werkt. Je krijgt veel vrijheid, maar ook kritische feedback. Juist die combinatie heeft me enorm geholpen om te groeien. Binnen het lectoraat stond iedereen klaar om mee te denken en te ondersteunen. Vooral mijn stagebegeleidster Renske gaf me veel vertrouwen, waardoor ik me veilig en serieus genomen voelde. De sfeer was open en vertrouwd, maar ook professioneel en inhoudelijk sterk. Dat heeft echt bijgedragen aan mijn ontwikkeling.”
Hoe zie je je toekomst voor je?
“Ik weet inmiddels welke organisaties bij mij passen: instellingen die werken aan maatschappelijke vraagstukken. Niet alleen commerciële organisaties, maar juist plekken waar je impact maakt. Ik zou met plezier weer voor een lectoraat werken in de toekomst. Ik schrijf momenteel nog een artikel over cyberweerbaarheid in het onderwijs, waarmee ik meedoe aan de Artikelprijs van CyberweerbaarNL (CWNL). Een mooie afsluiter van dit traject.”
Wat wil je andere studenten meegeven?
“Zoek een stageplek waar je je echt thuis voelt. Als je ergens zit waar je je gewaardeerd voelt, ga je met meer motivatie werken en leer je veel meer. Doe het niet alleen voor je studiepunten, maar vooral jezelf en je ontwikkeling.”
Tot slot: wat is het belangrijkste dat studenten moeten weten over cybercrises?
“Twijfel niet over hoe ernstig een situatie is. Bij twijfel of schaamte: meld het altijd. Dat is precies wat studenten vaak tegenhoudt.”